zaterdag 7 juni 2008

Van Xining tot Beishan reserve

De dag nadat ik mij had verlost van broekemans (nieuwe spelling: broekenmans?) ben ik wat gaan ronddarren in Xining. Eerst naar het grote plein waar grote groepen aan de ochtendgymnastiek waren. Het lijkt wel alsof die Tai Chi op zijn retour is en vervangen wordt door Taichiaerobics. Met harde muziek uit een installatie gezamenlijk bewegen maar dan wel van die brede bewegingen en patronen die erg aan Tai Chi doen denken. Daarna naar de grote moskee van de Hui gemeenschap gegaan om eens naar het vrijdagsgebed te kijken. Erg leuk, na een vrij rustige start doken er toch zo'n 15.000 man op die met name op de binnenplaats op hun elk onder hun arm meegenomen bidkleedje aan het bidden sloegen. Die avond kennisgemaakt met de chauffeur Ma Jian Min, die de komende dagen mijn reisgenoot zal zijn tijdens een tochtje naar een bosreservaat in het noorden (Beishan (noordelijke berg) en dan naar het beroemde (voor mij tenminste) Kokonur of Qinhai Hu meer, dat het grootste van China is en op zo'n 3200 meter boven zeeniveau. Vervolgens over een pas even het Qaidambekken in (u weet wel: waar ik met M-L vanuit Dunhuang al even met een taxi op zoek ging naar de zwarthalskraanvogel, maar dit keer dan aan de uiterste zuidoostpunt ervan: fraai woestijnsteppegebied met zoutmeer, dan terug langs kokonur en de weg no214 richting Tibet op, over enkele hoge passen van 4500 meter naar het hoogland dat sowieso boven de 4000 blijft. Geslapen in Maduo (ook wel Madoi) en overal naar vogels gekeken natuurlijk. Dan nog 80 km. zuidelijker gereden naar een fraai hooggelegen gebied met meertjes en moeras: het broedgebied van de zwarthalskraanvogel. Dan terug tot Wenquan bij die hoge pas (Erla) en daar nog een nachtje geslapen (dat slapen valt dus erg mee op die hoogte: ik was zo speedy dat ik maar enkele uurtjes kon slapen, verder geen last van de hoogte gehad).
Laatste dag over de pas en terug naar Xining.






































































































































Voor de verandering: van boven naar beneden: zangers en muzikanten op plein Xining, Tibetaanse tempel, ook monnikken moeten te was doen, boeddha, offermateriaal, in afwachting van het vrijdagsgebed en de toespraak (hutbe): babbelen, kleedjes uitspreiden, krantje lezen, collecte/bedelen, bidden: ieder voor zich, synchroon hoog, synchroon laag, maar waar zijn die hui-vrouwen eigenlijk; op straat, verkoper van mongoolse leeuwerikken (schijnbaar de populairste kooivogel in west China: hij zingt ook inderdaad als een tierelier, maar voor het bestand van wilde leeuwerikken is het vast geen goede zaak..), de leeuwerik him/herself, bloeiende rododendron in Beishan forestreserve.



Geen opmerkingen: